Weekly News

Hans Nouwens, foto: INDYMAH DUURZAAMHEID

Nederland loopt voorop op het gebied van Smart Cities

Het ‘smart’ maken van Nederlandse steden is meer dan booming, zo stelt smart city-specialist Hans Nouwens. “Nederland is een innovatief land, en loopt ook op het gebied van smart cities al jaren voorop.” En toch valt er deels nog een wereld te winnen.

Krachten bundelen, dan komen we er wel

Ontwikkelingen zoals klimaatverandering, stedelijke groei, digitalisering en de uitputting van fossiele brandstoffen vragen steden om toekomst-proof oplossingen. Werken met data levert innovatieve concepten op waarmee steden hun lokale steentje kunnen bijdragen aan de wereldproblematiek, zo is te lezen in de Nationale Smart City Strategie NL. Het rapport is samengesteld door veertig vertegenwoordigers van steden, veertig bedrijven en dertig wetenschappers.


“IBM heeft de term ooit bedacht als marketingkreet, maar ‘smart’ zijn onze ‘cities’ al even”, vertelt Nouwens. “De verkiezing De Slimste Stad van Nederland hebben we opgezet om de bewustwording van de overheid rondom smart cities te vergroten.” Het aantal aanmeldingen – denk aan slimme stoplichten die bij regen langer op groen blijven staan voor langzaam verkeer, en water dat met water uit de mijnen wordt opgewarmd – rees de pan uit. “En dus moesten we uiteindelijk eerder dan gepland ‘de lijnen sluiten’. Hoewel we het ons vaak niet realiseren, loopt Nederland dus voorop op het gebied van smart cities.”


De volgende fase in de smart city-ontwikkeling is om al die projecten op te schalen naar andere steden, en om samen te werken, vertelt Nouwens. Daarvoor is het programma Nationaal Smart City Living Lab opgezet. Partijen als Geonovum, Kadaster, PwC, Smart City Academie en het RIVM ondersteunen het initiatief. “Zes Nederlandse steden doen al mee met het Living Lab, een zevende plek wordt vervuld door de winnaar van de Slimste Stad-verkiezing 2017. We begeleiden deze steden intensief op het gebied van smart cities-ontwikkeling, bijvoorbeeld door ze te helpen bij programmamanagement en communicatie.”


Maar steden kunnen elkaar ook aanvullen als het gaat om het smart city-beleid. Zo wordt in het eerdergenoemde rapport de zogenaamde buddy-aanpak aangeraden. ‘Door met elkaar mee te kijken bij publiek tenderen kun je elkaar tijdens het traject adviseren, niet pas achteraf. 


Vooroploper of niet: volgens Nouwens is er in ons land nog een wereld te winnen als het gaat om smart cities en educatie. “Zogenaamde ‘digiwijsheid’ wordt nog niet volop onderwezen in Nederland. Natuurlijk zijn er wel scholen die zich in de materie verdiepen, zoals de Erasmus Universiteit die datawandelingen organiseert, en lessen die worden gegeven in Data Science en Big Data in het beroepsonderwijs.” Maar we hebben nog meer kennis nodig als het gaat om dataverzameling en wat je daar vervolgens mee doet, vindt Nouwens. “En niet alleen op vakscholen, maar dat begint al bij het basisonderwijs. Want jong geleerd…”


Ook op nationaal niveau zijn er acties nodig, besluit Nouwens. Denk aan de ontwikkeling van lantaarnpalen die tegelijkertijd stroom leveren voor sensoren die de luchtkwaliteit en geluidsdruk meten. Nouwens: “De lamp moet dan uit kunnen, zonder dat de stroomvoorziening naar de luchtkwaliteitmeter wordt verstoord. Dát zijn voorbeelden van innovaties die we landsbreed zouden moeten oppakken. Krachten bundelen, dan komen we er wel.”

Feit

Een smart city draagt op lokaal niveau bij aan de wereldproblematiek. Expert Hans Nouwens: “Er zijn twee bewegingen: de top-downbeweging, de verantwoordelijken voor een bepaalde stad zoals overheid of politie, die het eigen werk beter en goedkoper wil kunnen uitvoeren. En de bottom-upbeweging, bestaande uit de inwoners zelf. Zij willen hun leefgebied zo aantrekkelijk mogelijk maken. Beide profiteren van de digitalisering op stedelijk niveau.”

Delen

Journalist

Wendy de Liefde

Related articles